Ingrediënten: De hoeveelheden zijn gebaseerd op 4 personen.
| 75 gram rijst. |
pot pindakaas (met nootjes). |
1 ui. |
| 1 theelepel gemberpoeder. |
1 flinke winterpeen. |
evt. melk. |
| 4 stengels bleekselderij. |
1 blikje ananasstukjes. |
2 vleestomaten. |
| 1 eetlepel (sesam) olie. |
350 gram kipfilet. |
evt. zout. |
| 150 gram bloemkoolroosjes. |
1 tl djintan (= gem. komijn). |
sambal. |
| 4 eetlepels seroendeng. |
blik kokosmelk (0.5 ltr). |
peterselie. |
Voorbereiding: ± 20 minuten.
| Kook de rijst volgens de gebruiksaanwijzing gaar en laat deze in een vergiet uitlekken en afkoelen.
Snipper intussen de ui. Was de winterpeen, snijd deze in ± 3 mm dikke plakjes en
snijd de plakjes nog eens doormidden. Schil de bleekselderij met een dunschiller
en snijd er dan “halve maantjes” van. Leg de tomaten even in kokend water,
ontdoe ze van hun vel en snijd ze dan in stukjes. Snijd de kipfilet in dobbelsteentjes.
|
Bereiding: ± 25 minuten.
| Verwarm de olie in een (braad)pan met dikke bodem en braad hier de blokjes kipfilet
in tot ze mooi bruin beginnen te worden. Doe er dan de ui, winterpeen, bleekselderij en de
bloemkoolroosjes bij. Laat dit alles onder voortdurend roeren ongeveer 3 minuten
garen. Voeg er de tomatenstukjes, ¾ blik kokosmelk, ½ pot pindakaas,
gemberpoeder, djintan, ananasstukjes de rijst aan toe. Voeg naar smaak sambal en
zout toe. Laat dit alles nog 5 minuten zachtjes koken. Als de soep nog te
dik is kun je er nog wat (kokos)melk aan toevoegen. Ongeveer 1 minuut voor het
opdienen de helft van de seroendeng toevoegen en de soep voor het opdienen
garneren met de rest van de seroendeng en de peterselie.
|
|